BOEKJE A
het rode
puntje


4. Miyake-san
In de
negentiger jaren had de japanse regering een regeringsambtenaar
aangesteld om
de export vanuit Nederland naar Japan te helpen vergroten. Er was (is?)
grote onevenwichtigheid in wat beide landen van elkaar invoerden. De
nederlandse regering had hem op haar beurt een mooie plek bij het
ministerie van economische zaken in Den Haag gegeven. Wanneer ik het
vals formuleer, bood de japanse regering slechts een doekje voor het
bloeden, maar daar gaat het hier niet om.
Zijn bijnaam kreeg
hij al
spoedig en luidde Mister Croquet, omdat hij ongekompliceerd gek was op
deze nederlandse folklore en ze bijna altijd bestelde in de kantine van
het ministerie, althans wanneer hij er tussen de middag was.
Wij
kregen kontakt via het product aloe, waar ik aanvankelijk totaal niets
vanaf wist. Ik werd ooit van japanse zijde verzocht in Nederland iemand
te vinden, die er groot in was. Dat bleek Mordy Tanzer te zijn, een
intelligent lastpak, Canadees met een florerend bedrijf in Amstelveen.
Door
dit success werd ik later als "scout" ingezet door de Japanse
ambtenaar, Miyake-san,
Zo
kon het gebeuren, dat Miyake opbelde en vroeg een leidende firma in
Nederland te vinden op het vlak van
"pietomos"...(fonetisch). Ik had lange tijd nodig om te begrijpen
waar hij het over had, terwijl hij het woord, japans geaccentueerd,
alsmaar indringerder en luider herhaalde, alsof ik gehoorgestoord was.
Het bleek ten lange leste om turf te gaan.
Ik had er altijd
groot
plezier in om binnen een paar dagen als totale onwetende met de
directeur van een prominent bedrijf aan te komen. Dan maakte ik een
afspraak voor ons beiden en gingen we Miyake voorstellen. Door heel
Nederland. Keurig in het pak vertelde hij systematisch over zijn
funktie en rol, vroeg gedetailleerde informatie, bezocht hen een tweede
maal alleen en zond dan alles door naar Jetro in Japan. Het vervolg is
altijd buiten mijn gezichtsveld gebleven.
Er volgden
zeilboten,
snoep (drop en gums): wat een indrukwekkende industrieen overigens!!,
vloerverwarming en croquetten. Ik vergeet vast nog enkele produkten.
Ik
vond het altijd iets feestelijks met Miyake op stap te gaan. Hij was
altijd bijzonder aangenaam. En wat deed hij zijn best!
Geestige
situaties ook: een gigantische, massief notenhouten direktietafel,
werkelijk overladen
met alle denkbare soorten snoep, waaronder whinegums, droppen,
tumtummetjes, echte spekken, het ultieme delirium voor ieder kind,
mannen in kostuums, die zakken opentrokken alsof het niets was en de
snoepjes in alle toonaarden aanprezen; Miyake, die onverstoorbaar en
uiterst serieus alles, een beetje smakkend om alles beter te kunnen
proeven, een voor een keurde en bekommentarieerde. Na enige tijd moest
ik alle zeilen bijzetten om in mijn rol te blijven; een slappe lach,
die nooit meer over zou gaan lag op de loer.
Twee dagen later
grote
dozen vol met hetzelfde door de post op mijn huisadres bezorgd. De
industrie nam een en ander ook uiterst serieus. Onuitgepakt zorgde de
giga-zending voor een weeïge, zoeterige lucht in het hele huis.
Ik
heb de dozen naar zijn luxe appartement in Buitenveldert gebracht,
wetende dat hij er niet was. Zijn verbaasde vrouw nam alles verbaasd in
ontvangst. Miyake had eerder over de telefoon gezegd, dat hij de
zending niet hoefde. Maar ik evenmin.
Op een gegeven
moment was er
weer iets uitzonderlijks. Er zou voor slechts 1 dag een belangrijk
persoon uit Japan overkomen om in Nederland naar 1 onderwerp te komen
kijken en te leren kennen. Ik voelde me vereerd gevraagd te worden,
temeer daar deze japanner uit Nagoya een respektabel door Toyota
gefinancierd onderzoeks-instituut vertegenwoordigde. Een instituut, dat
allerlei maatschappelijke zaken van belang op grote schaal en op
langere termijn bestudeerde.
Alleen het onderwerp werd mij
alsmaar niet duidelijk. Miyake herhaalde tig maal het centrale
woord, alsmaar luider en net niet geagiteerd. Ik voelde aan mijn water,
dat ik wel heel dom moest zijn, zoiets eenvoudigs niet te begrijpen.
Ten einde raad vroeg ik hem het woord op te schrijven en mij te faxen,
hetgeen prompt gebeurde. En jawel: hoe eenvoudig: WOONERF.
(Leg
iedere japanner een briefje met dit woord erop in de hand en verzoek
dan het uit te spreken.... het woord verdwijnt dan....)
In
één weekend redden wij de hele dag, o.m. in
Almere, waar wij 'smiddags
aan de haven lunchten met croquetten en al. Onze gast genoot er
eveneens van. Ook was hij voldaan en dankbaar. Ik gaf hem een
nederlands stratenboek met plattegronden. 'sAvonds bracht Miyake-san
hem weer naar Schiphol.
Mission completed.
Ons
bezoek aan een
croquettenfabriek iets boven Amsterdam was een sensatie. Op de eerste
plaats was alles super hygienisch. Wij moesten plastic douche-mutsjes
op, plastic overall's aan en plastic schoenbeschermers. Miyake was al
zijn waardigheid kwijt; hij zag er niet uit. Maar daarvoor was hij wel
in de croquetten.hemel. Na deze uiterlijke metamorphose
waren wij in een klap toegetreden in een andere wereld. Wat ik mij
herinner is, dat alles van roestvrij staal was. Het proces was -ook
voor ons als buitenstaanders- helder georganiseerd. De uitleg over de
diverse stappen
was begrijpelijk. Het meest indrukwekkende, of beter gezegd, het meest
ontroerende, was de onvoorwaardelijke liefde van de eigenaar.direkteur,
die alles zelf had bedacht. Er is geen sprake van cynisme wanneer ik
zeg: deze mens hield van zijn croquetten met hart en ziel; eerlijk,
rechtstreeks en teder. Een grote, volwassen man, die een half uur voor
het vroegstondig begin van de fabriek aanwezig is om zijn personeel te
begroeten en hier en daar te vragen, hoe 't thuis gaat. Daarna gaan
zijn mensen en hij aan de slag om het allerbeste te geven aan de
produktie van die dag. Deze man is gelukkig.
Enkele
malen probeerde ik mijn prettige kontakt met Miyake uit te breiden naar
persoonlijke vriendschap. Weliswaar at ik een keer voortreffelijk in
zijn appartement; dineerden wij ook bij Krasnapolski's japanse
restaurant op uitnodiging van Mordy en zijn vrouw, maar hij had 't druk.
Miyake's
vrouw werd een keer op klaarlichte dag gezakkenrold toen zij op de tram
stond te wachten voor het Concertgebouw. Zakkenrollers weten, dat
japanners niet over-alert zijn, omdat in Japan men gewend is dat men
korrekt
is. Wat zij nog nimmer had gedaan, deed zij die dag. Zij was gaan
winkelen en had een groot bedrag aan cash geld bij zich. Stom, zoals
zij zelf vond.
Mijn huis is er vlak bij en ten einde raad kwam
ze,
totaal ontdaan, langs. Ik gaf haar een borrel op klaarlichte dag en
loog
dat zoiets een nederlands gebruik is. Ze kiepte de inhoud van het glas
in een keer achterover en werd er veel rustiger van. Wat was zij
benauwd haar man 'savonds te moeten vertellen wat er gebeurd was! Ik
reed haar na een uurtje naar haar huis.
Dit zou toch een
perfekte opmaat voor vriendschap met Miyake moeten zijn.
Ik
moest mij in die tijd aan mijn prostaat laten opereren, voorwaar een
heftige ingreep. Thuisgekomen kreeg ik een dyonisische fruitmand van
Miyake. Ik was er om 2 redenen Verguld mee. Ik nam in ieder geval aan,
dat dit wel het begin van een langdurige vriendschap zou zijn.
Niets
van dat alles.
Ons kontakt bleef "professioneel"; daarin was
Miyake ook onverstoorbaar.
Geen
vriendschappelijke relaties aangaan behoort tot de algemene ervaringen
van Nederlanders, die met jàpanners trachten te
communiceren.
Vriendelijk: ja.
Vriendschappelijk: NEE.
Vorige
pagina
Volgende
pagina
Terug
naar begin