Sakawa
MONOGATARI
II DE VERWERVING
Zoeken
~~~~~~~~~~~~~~
Wanneer begonnen we naar
grondstukken te zoeken?
Ik denk zo rond december 2004;
of was het begin 2003? Ik kon het niet laten een impressie te
noteren.
~~~~~~~~~~~~~~
Drie gebieden waar we wilden
wonen. Dat was de eerste selektie in het toch wel grote Japan. Ehime, Hiroshima
en Kagawa.
De
continent-kant valt af, omdat het daar te koud is, berggebieden. Tohoku en
Hokkaido om dezelfde reden ook. En Fumika voegde er nog aan toe: Okinawa vind ik
te ver weg.
Wat
hebben we veel gereden! duizenden kilometers in ruwweg enkele
maanden.
Eigenlijk begon het allemaal in
Shionoe. Een politieman in een koban in Takamatsu, Kagawa, waar we dapper naar
binnen waren gestapt om naar een charmant plekje te vragen om de nacht door te
brengen, had ons daar een onzen aangeraden.
We sliepen in een groot hotel
met een giga, stenen, heet Japans bad. De andere morgen stelde ik voor wat te wandelen
in het gehucht. Op de terugweg vonden we een verlaten en wat vervallen lagere- en
kleuterschool, leeg, die kennelijk in de loop van de tijd was uitgebreid op een ruim, rustig
gelegen terrein. Spontaan begon ik hardop te fantaseren: wanneer we dat afbreken en daar
een stuk aanbouwen en die 2 onderwijzershuisjes herbouwen en er dan
gastenverblijven van maken....
Vonk.
Fumika echter zei vrijwel
niets. Ik kreeg haar niet enthousiast. Later probeerde ik het nog een paar maal, maar ving
bot.
Wij hadden
eerder Amsterdam verlaten voor een Hof van Eden in Zuid
Groningen.
Mijn
vrouw stuurde me naar de dokter toen wij terug waren in Nederland. Ik was -al
vele jaren- erg kortademig. Na een eerste inspektie bleken het niet mijn longen,
iets wat ik als vanzelfsprekend had aangenomen, maar godbetere mijn hart, waar
wat mis mee was.
Of preciezer en veel wachten
werd er gekonstateerd, dat er 1 1/2 verstopte aderen waren, die vervangen
dienden te worden. Dubbele 'bypass'.
De schrik voor de toch zware,
urgente operatie deed mij alvast afscheid nemen van mijn vrouw.
Later bleek, dat zij minstens zo
geschokt was door de inkompetentie van de organisatie van de nederlandse
gezondheidszorg. Deze kan een urgent geval als het mijne met de hoogst mogelijke urgentie nota
bene niet adequaat, dus snel behandelen. Uiteindelijk diende ik nog zo'n 6 weken te
wachten.
Tussentijds had ik klachten. Het
lokale ziekenhuis gaf niet thuis! de cardioloog was er 'gewoon' niet, misschien vissen
of zo. Het academisch ziekenhuis, waar ik geopereerd zou worden, hield ook de boot
af. Een snoeiharde brief, die ik per fax verzond, gaf ampele reaktie op het feit dat
ik [nog] bestond, al kreeg ik een reprimande.
Devies was en bleef:
wachten.
Fumika zei vrijwel niets.
Heimenlijk was ik daar erg verbaasd over.
De operatie, een shock-therapie,
slaagde..
Na
enige tijd, de toestand van veel huilen voorbij en na twee maanden forse last,
stelde Fumika
volkomen rustig, dat het onverantwoord was nog langer in Nederland te blijven
met zo'n
patiënt-onvriendelijk, eufemistisch gezondheidszorg genoemd,
systeem.
Ik ving
de bal zonder tekst, incasseerde de bal en realiseerde mij, dat zij een zwaar
argument
had.
Kort erna,
zonder veel discussie, besloten wij de enig mogelijke beslissing te nemen,
namelijk Nederland
te verlaten.
Wij
hadden net alles op orde, binnens- en buitenshuis.
Na onze beslissing bekende
Fumika, dat zij regelmatig aan het schooltje in Shionoe had gedacht en erover
gefantaseerd. Dat dagdromen had ze geprobeerd te onderdrukken. Onze heerlijkheid
was immers in Zuid Groningen.
De organisatorische
inkompetentie van de gezondheidszorg bleek nu een verrassende ongeplande wending
aan ons leven te geven. Een hele abrupte wending.
Wij zijn er teruggeweest in
Shionoe, diverse keren. Het bleek nog interessanter te zijn dan we dachten. Iets
verderop kwamen 2 riviertjes bij elkaar naast het terrein. De gemeente onving
ons pontifikaal! Wij kregen sateliet-foto's van dit specifieke grondstuk. Fumika
kocht A3-mappen om de satelietkaarten in te bewaren. De beer was los. We
fantaseerden dat het een lieve lust was. Een plaatselijke café-houder zou
wel onderhandelen met de eigenares.
Hij roemde zichzelf als de perfekte bemiddelaar.
Zoals met zoveel plekken
later, ging het feest uiteindelijk niet door. De gemeente betaalde gewoon huur
voor de niet gebruikte opstallen. Er stonden ook enkele kassen van J A, de
Japanse boerenbond, die ook voor huurinkomsten zorgden. De eigenares was niet
gemotiveerd te verkopen.
Het zoeken naar een huis of een
grondstuk in het Japanse buitengebied, leert, dat een veilig, vlak stukje grond
cruciaal is, juist omdat het zo bergachtig is. In het Nederlands overigens is er
geen korrekt woord voor 'country-side'; alleen het woord 'platte land' is
beschikbaar, maar dat is nou net de crux in Japan. In de Franse taal heeft men
het meer toepasselijke woord ia campagne.
Wat hebben wij veel plekken en
gemeentes bezocht!
Wat waren ook particuliere
mensen behulpzaam met informatie, energie en tijd!
Wat een schitterende plekken
ontdekten we...vista's, die mijn lief, zoals ze me vertelde, deden huiveren.
Op zekere dag vonden we zelf
een okkergeel klei veld, geploegd en al, in Uchiko: oh, hemel, de schoonheid van de plek
deed ons beven....
Later keerden we terug met een
hoge stadsambtenaar en z'n kollega, die al van zijn persioen genoot, die op zijn
beurt voor de verandering zijn buurman meebracht. Een nieuwsgierige boer uit de buurt
kompleteerde het partijtje. Allen lieten zich zonder veel te praten onderdompelen in de
complete heerlijkheid van het uitzicht en de ambiance van de lokatie . De mannen
liepen tot de rand en vormden een boeiend tableau van personen, die de tijd hadden, of
in ieder geval tijd namen. Een enkele korte zin viel. Die geproefd en gewogen werd,
gemarineerd in tijd.
Wij werden geduldig en uitvoerig
begeleid.
Uchiko: daar hadden we graag
willen wonen.
Wij reisden naar Futami, Ehime-ken, een schitterende gemeente aan de
Seto-binnenzee,waar
we enkele minuten na onze aankomst, zonder een afspraak te
hebben gemaakt, rond een tafel
zaten met de vijf belangrijkste mensen van de gemeente.
Kopje koffie?
Nou, graag.
De burgemeester beloofde een
maximale samenwerking en ondersteuning. Hij hield woord. Wij werden op drie
verschillende dagen urenlang rondgereden door de bergen met de auto van de
gemeente. Wederom: schiterende perspektieven, enge, smalle bergweggetjes zonder
vangrail, ondanks de soms steile afgronden. Wij gaven ons kommentaar en
beoordelingen. Daarna werd ten kantore van de gemeente met hoofden van dienst en
de burgemeester alle informatie verzameld, want niet alleen Nederland is een
land met veel regels. Bestemmingen werden opgeduikeld, eigenaren werden
besproken in termen van bereidwilligheid om te verkopen, formele- en informele
informatie werd uitgewisseld, gevaren beoordeeld, rustig, betrokken en
zorgvuldig. Het zijn echte schatten, daar in Futami.
Maar pas op wanneer schoonheid
in het geding is.
De ontnuchtering kwam
inderdaad.
Verlaat, ongenadig en
rustig.
Dit was
een tabaksveld en leverde veel meer op dan een eventuele verkoop van de
grond.
Om het
onvermijdelijke nog eens te onderstrepen: dit is agrarische bestemming. Er
zal nimmer
toestemming gegeven worden voor het bouwen van een huis.
We werden bijna
ziek.
Nog
zo'n schat, daar in Futami- de eigenaar van een aanbevelingswaardig
vis-resaurant. Wij vertelden zijn dochter, die ons aan tafel bediende, dat wij
op zoek zijn. Mammie werd erbij geroepen, die subiet besloot, dat dit een
onderwerp was voor otosan. Niet het mooiste jongetje van de klas, maar wel zo
behulpzaam.
Vrij
spontaan vertelde hij twee dromen te hebben.die zijn echtgenote echter weigerde.
Hij zou ze ons de andere dag laten zien. Het bleken twee stukken land te zijn,
verborgen. Op een stuk zou hij graag vakantiehuisjes gebouwd willen hebben. Op
de andere zou hij, na afvlakking van de heuveltop, zelf met zijn gezin willen
wonen.
<<<<<<<
Wij staan op een smalle, steile weg, in een bocht, een zijde de Seto
binnenzee, de
andere kant zijn onbereikbare nog ongetopte berg.
Vaag horen we de lichte staccato
kadans van een motertje. Het waait, is helder en fors koud, want begin
februari.
Het
geluid komt dichterbij.
Onze konversatie gaat gewoon
door.
Na enige
tijd, we waren al bijna gewend aan het geluid van het motertje: voila: een
lichte bromfiets
met een totaal ingepakte postbode.
De echtgenote heft haar arm
en geeft een bijna professioneel stopteken. Geen tegenspraak
mogelijk
De
postbode is waarschijnlijk stijf van de kou. Dikke muts tot bijna over z'n ogen,
plastic regenbroek,
zware handschoenen, lullige helm, das. Hij stopt. Motertje
pruttelt
door.
Mevrouw legt uit wat wij
willen.
Stilte;
nee niet echt, want het motertje loopt stationair.
Er wordt gezwegen. Beetje lang.
Dit wordt verwerkt.
Langzaam wordt de mond van de
dikke das bevrijd,.
Een voor een gaan de
handschoenen uit.
Dan is 't de beurt voor het
motertje om uitgezet te worden.
Muts ietsje
omhoog.
Ogen
glinsteren.
Bromfiets met rode posttassen
wordt op de standaard getrokken.
Man mompelt: "het postkantoor
moet maar even wachten."
Ik voel, dat iedereen hiermee
instemt.
Langzaam haalt de postbode een
mobieltje uit zijn zak en meldt zijn baas, dat alles tegenzit en het langer gaat
duren voordat hij terug is.
Voelbaar voldaan neemt de
postbode de tijd voor de ook voor hem interessante, nieuwe situatie.
Muts gaat af.
Kale kop.
?
Echtgenote voelt onze verbazing
en legt uit, dat de postbode priester is van de plaatselijke tempel en wat
bijverdient. Zodoende.
'Onze man', want nog is hij nog
geen echte priester -wij hebben ook wat tijd nodig- en nu ook geen echte postbode meer,
grinnikt wat om ons. Hij laat zich uitvoerig
informeren over onze
achtergronden. Ah, zit dat zo....! Mmmmm..
Rap kleedt hij zich weer
aan, omgekeerde volgorde van daarnet, start zijn brommertje en gebiedt ons hem
te volgen.
Wij
spoeden ons naar ons beider auto's. Hij is allang uit het zicht, richting waar
hij vandaan kwam. Hoe dan ook is er slechts 1 weg. Mijn vrouw scheurt met bijna
doodsverachting over bochtige, smalle wegen. Eindelijk horen we hem weer want
wij hebben het raam opengedraaid en zitten daardoor in een soort vrieskou. De
weg stijgt onbarmhartig. Overspannen volgt
mijn vrouw.
Na
'42' bochten zijn we bijna 'boven'. Onze gids staat allang te wachten, zonder
muts met een
glimmende kop en ogen met sterretjes.
Kijk, de eigenaar van dit huis
woont beneden en is een ramen -winkeltje begonnen.
Gevijven bekijken wij het
object: groot gebouw, vervallen ook.
Boeiend.
Terwijl Fumika en ik nog
over het terrein lopen en elkaar op details wijzen, zie ik een ingelukkige man
op de weg naast het huis staan: diep-voldaan het huis, ons en het landschap
beschouwend, als ware hij de schepper en eigenaar van dit alles.
Hij beleeft zonder twijfel
zijn eerste satori.
Ik zie, dat zijn hart bonst
en dat hij van een gedachte is vervuld:
dit is pas leven: MAKELAAR
!
>>>>>>>>>
Previous page
Next page
Back to begin